Kunstenaars Vereniging Flevoland

2013 - De KVF in de Provinciehuis

03-05-2013 tot 12-06-2013

De KVF exposeert in het Provinciehuis

 

Provinciehuis / Visarenddreef 1 /Lelystad

Opening vrijdag 3 mei, 15.30 uur

 

Vanaf 3 mei t/m 12 juni exposeren vijf kunstenaars van de 

Kunstenaars Vereniging Flevoland in het Provinciehuis in Lelystad.  Vier schilders en een edelsmid, drie vrouwen en twee mannen, drie Lelystedelingen en twee Almeerders. Expressie is wat deze 

kunstenaars bindt, al heeft de uitwerking van die expressie vijf 

duidelijk verschillende vormen gekregen. 

Nancy van Overveldt heeft een groot deel van haar leven in Mexico gewoond en is daar wereldberoemd. Het warme klimaat zit in haar werk, de muziek is bijna hoorbaar in de kleuren en de vormen die ze gebruikt.
Andreas Goewie heeft een succesvolle carrière gehad in de mondiale modewereld en was daar alom geëerd en veelgevraagd. Het heeft nu tijd gemaakt voor een tweede carrière, als vrij kunstenaar. Hij zoekt de expressie in de gezichten die hij schildert. Verstilde ogen met daarachter een storm aan gedachten en gevoelens. Expressie die op uitbreken staat.
Stefan Damman was de schilder van het expressieve gebaar. De verf spatte er in zijn vroege werk als het ware af. Maar hij bewandelt de weg van kabaal naar leegte. Zijn werken zijn stiller geworden en landschappelijker - 
ruimte.
Anita de Harde zoekt expressie in bewegingen, in 
houdingen van mensen. Kleine verschuivingen in licht, door de veranderde stand van een schouder of een heup, maken dat het lichaam iets anders uitstraalt. Nonverbale taal.
Marjolein van Lubeck maakt sieraden. Haar werken zijn dienstbaar en komen tot volle wasdom als ze gedragen worden. Dan springt de expressie pas goed in het oog. Niet van het sieraad, maar van de 
stralende draagster. 

 

Openingswoord, door Hein Walter

Welkom bij deze tentoonstelling in het Provinciehuis. Wij, de Kunstenaars Vereniging Flevoland,  hebben de afgelopen 25 jaar veelvuldig geëxposeerd in het oude Provinciehuis, en dit is alweer de vierde expositie in het vernieuwde huis.
Mijn naam is Hein Walter, ik ben artistiek leider van de KVF, en in die functie een soort vaandeldrager van de Flevolandse kunstenaars. Vandaag draag ik het vaandel van deze tentoonstelling van 5 kunstenaars, van 5 leden van de KVF, 3 vrouwen, 2 mannen, 3 Lelystedelingen, 2 Almeerders, 4 aanwezig, een niet.

Vroeger, een eeuw geleden, hielden de kunstenaars zich veel bezig met expressionisme. Je gevoel ten opzichte van de zichtbare wereld tot uitdrukking brengen, dat was de kern van de stroming. Daarvoor was het het impressionisme dat de mensen in de kunstwereld wakker schudde. De kunstenaars maakten impressies van de wereld. Daarvoor was er het realisme, het naturalisme, noem maar op. En in pakweg de afgelopen 80 jaar duikelden de stromingen over elkaar heen, dada, futurisme, kubisme, pop art, op art, conceptuele kunst, nieuwe wilden, abstract expressionisme, colourfield painting, noem maar op. Er zijn er nog veel meer. De laatste tientallen jaren werd de tijd het post-modernisme genoemd.

Wij kennen al die stromingen, we hebben die  ons allemaal eigen gemaakt. We zijn inmiddels al weer een jaar of wat met het volgende bezig: het emotionisme. Ik ben de term overigens nog niet eerder tegengekomen. Niet alleen in de schilderkunst, in de beeldende kunst, maar bij de sociale media, op televisie, in de literatuur, de politiek, in ons persoonlijke leven, bij concerten, overal, je leeft pas als je kippenvel krijgt, als je emoties voelt.

Kunstenaars zoeken dat ook, die voelen zich pas geslaagd in hun werk als de toeschouwer emoties voelt, geraakt wordt. Hoe die emoties worden opgewekt, dat doet er niet toe, en dat kan dan ook werkelijk op duizenden verschillende manieren en in alle stijlen denkbaar, maar als het kippenvelmoment niet komt, dan heeft het werk niet de X-factor.

Het is een positieve beweging! We leven namelijk vooral met ons verstand. Er zijn heel veel mensen die leven vanuit de cognitieve wereld, de wereld van het weten, van het begrijpen. Het gevoel is lange tijd een beetje ondergesneeuwd geweest. Nu is er de kentering gaande, nu wint het gevoel langzaam terrein. Ongetwijfeld zal het gevoel de overhand gaan krijgen en wordt het over een halve eeuw weer tijd voor het verstand om een inhaalslag te maken, maar voorlopig zit het gevoel in de lift, de zoektocht naar gevoel, naar kippenvel, naar emoties.

Zijn we ons daarvan bewust? Zijn kunstenaars zich daarvan bewust? Ik denk van niet. Iedereen denkt dat zij of hij uniek is, dat zijn of haar ontwikkeling voortkomt uit een persoonlijke en unieke bron, dat de manier waarop we ons kleden werkelijk een eigen keuze is, dat de religie waar we ons in thuis voelen, heel persoonlijk is en heel bijzonder en vanuit het individu is het ook bijzonder, maar als je de mensheid bekijkt als soort, dan past iedereen in een groep.

De 5 kunstenaars die hier exposeren, lijken allemaal totaal anders, en dat zijn ze natuurlijk ook, maar toch past hun werk in de periode waarin we nu leven. Dit werk had niet 200 jaar eerder gemaakt kunnen worden en waarschijnlijk ook niet 200 jaar later.

Voor mij ligt de verbinding in de emotie. Ze zoeken alle vijf een volkomen eigen manier om die emotie vorm te geven, en daarom manifesteert het werk zich ook heel anders, maar in de kern is dat wat ze volgens mij aan het doen zijn, wat wij allemaal aan het doen zijn.

Vrouwen eerst

Nancy van Overveldt zoekt de emotie in  de muziek. Zij schildert muziek. En muziek is van oudsher de vorm van kunst die het meest direct en het makkelijkst toegang heeft en geeft tot emoties. Muziek is de taal van het hart. Nancy schildert melodieën, ritmes, kleurtonen. Bij muziek vraagt niemand zich af wat het betekent, want muziek moet je voelen. De schilderijen van Nancy moet je ook voelen.

Anita de Harde zoekt de emoties in houdingen van mensen. Non verbale houdingen waarmee  een gevoelsmoment wordt uitgedrukt. Zit je in elkaar gedoken, dan zoek je bescherming, dan zoek je de baarmoeder, heeft een figuur een meer gymnastische houding, dan is dat een uitdrukking van wilskracht, overtuiging en durf.

Marjolein van Lubeck maakt indirect gebruik van emoties, zoals alle sieradenmakers. Zij is dienstverlenend. De draagster van het sieraad krijgt door het sieraad toegang tot haar emoties. Voelt zij zich zelfverzekerd en mooi, dan moet er dat ene sieraad bij dat daar precies bij past. Dat luistert heel nauw. Een dingetje te lang of een steentje teveel  en het past niet meer. Maar als het helemaal past, dan straalt het gevoel door haar huid heen.

De mannen zoeken de rust, de balans, het evenwicht.

Stefan Damman schilderde eerst als een jonge hond, dikke verf met spatels op het doek gebracht. Nu schildert hij stilte. Lege donkere landschappen. De emotie ligt verborgen in de verf. Stille wateren diepe gronden. Een droomwereld. Hoe dromen precies met emoties verbonden zijn, daar kan ik nog alleen maar naar raden, maar ze zijn zeker familie van elkaar.
De expressieve manier van schilderen die Stefan eerst hanteerde en de ingetogen manier van nu lijken totaal anders, maar dat is schijn. Hij geeft bij zijn werk alle ruimte voor het onbewuste. Niet denken, maar doen, was het eerst, nu is het niet denken maar dromen.

Andreas Goewie ten slotte schildert de verborgen emoties van mensen die hem na staan en door de emoties te schilderen in hun verborgenheid maakt hij ze openbaar. De schoonheid van mensen is erbonden met hun emoties, daar ligt onze kracht. dat heeft Andreas goed begrepen. 

Powered by Access2.IT